2.36.57

Jos Hoogeboom, de winnaar van de Leidse marathon, was nog niet over de streep, of de organisatie gaf aan volgend jaar meer geld te willen investeren om échte toppers aan de start te krijgen. Kijk, dat is leuk om te horen als je je net meer dan 42 kilometer de poten uit je lijf hebt gerend. Natuurlijk, de winnende tijd wás ook geen toptijd. Met 2.36.57 zou Hoogeboom op 15 april in tropisch Rotterdam 32 lopers, waaronder vijf vrouwen, voor zich hebben moeten dulden. Hij was dan een klein halfuur langzamer dan de winnaar en zo’n tien minuten minder snel dan de snelste vrouw geweest.

Toch vind ik het vreemd dat de organisatie haar pijlen niet wil richten op de breedte, maar op de top. Alles is te koop, maar met het aantrekken van een snelle en dus dure Keniaan ben je nog nergens: het parcours moet dan ook sneller, en er moeten duurbetaalde hazen worden ingezet die de winnaar aan die gewenste toptijd helpen. Zou het er nu echt leuker op worden als het vervolgens een halfuur wachten is op de uit Tuitjehorn afkomstige nummer twee?

In Rotterdam startten dit jaar 20.000 marathonlopers. In Leiden liepen slechts 329 renners de hele afstand. Het streven naar toptijden is in mijn ogen dan ook zoiets als de Stadsgehoorzaal (waarover een volgende keer meer), die meent Carré naar de kroon te kunnen steken. Is de Leidse marathon zoals men zegt écht de gezelligste op de atletiekkalender? Mooi, houden zo! Liever veel meer hoempapa, dan het Keniaanse volkslied. Of zoals men op TV West zei: ‘Een winnaar die geen Swahili spreekt, goh, dat is toch ook weleens leuk!’

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Column

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s