Maandelijks archief: maart 2014

Haizhen

Het was een mooie lentedag. In ons stille straatje in Leiden Noord was het rustig en vredig als altijd. Een kat schreed naar het eerste streepje zonlicht van de dag, vogels zongen om het vrolijkst het hoogste lied – er leek letterlijk en figuurlijk geen vuiltje aan de lucht. Tot ik gestommel hoorde achter het huis naast ons. Ik schoof het gordijn open en zag mijn buurvrouw als aan de grond genageld en met haar hand voor haar mond op het dak van de badkamer staan. Ze wenkte.

Opeens was alles anders. De reorganisatie op werk die me nog net niet uit mijn slaap had gehouden, de verkiezingskoorts waarover ik een column wilde schrijven – plots waren het niet meer dan bijzaken. Ik zag mijn bangste vermoeden bevestigd, ik zag wat mijn buurvrouw had gezien. Nadat ik 112 had gebeld voltrok de ochtend zich als een sinistere speelfilm: twee agenten, een breekijzer, een schouwarts… Buren zochten en vonden steun bij elkaar. Haizhen was dood.

De altijd zo vrolijke, vriendelijk lachende Haizhen. Eind dertig, geen familie in Nederland… Tot mijn schaamte besefte ik dat ik verder eigenlijk zo goed als niets van haar wist. Ze had een paar dagen eerder haar lenzen uit gedaan, was gaan slapen en nooit meer wakker geworden. Rustig en vredig, zoals dat dan heet, maar tegelijk veel te jong en te alleen. ‘Een mooie dood,’ luidde desondanks het waardeoordeel dat de arts aan zijn professionele bevindingen wenste te koppelen. Hij haalde zijn fiets van het slot en de agenten namen afscheid. Het lied van de vogels was geen moment verstomd. De straatkat strekte zich nog maar eens schaamteloos uit en ook ons stille straatje lag erbij alsof er niets was gebeurd. Ik stond voor haar huis, keek onwillekeurig omhoog en zag hoe het zonlicht door de jonge bloesem van de krentenboom scheen. Dag Haizhen!

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Column

Ten einde raad

Een grap maken en die vervolgens moeten uitleggen. Dat is gênant. Nog pijnlijker wordt het als je een grap maakt die zelfs niet eens als grap wordt herkend. Het overkwam D66-raadslid Sabine Verschoor toen ze een motie indiende tegen de in haar ogen ‘monistische’ gewoonte om tijdens raadsvergaderingen eerst burgemeester en wethouders van een natje en een droogje te voorzien, en dan pas de raadsleden. Zelfs nu ik u al verteld heb dat het om een grap gaat, vrees ik dat er aan uw kant van ongecontroleerd dijenkletsen of zelfs maar een begin van een glimlach geen sprake zal zijn. De motie werd overigens verworpen.

Verschoor verklaarde bij wijze van mosterd na de maaltijd dat het om een zogenaamde ‘einderaadsmotie’ ging, die traditioneel een ludiek karakter draagt. Het lijkt me een gevalletje de plank faliekant misslaan, want met een partij als Leefbaar Leiden in de raad zijn we hier wel hilarischer gewend (waarbij moet worden aangetekend dat de inbreng van de Leefbaren doorgaans niet eens ludiek bedoeld is). Bovendien leunt de democratische comédienne met deze schertsmotie wel heel erg op een hamerstuk dat huidig Ernst & Young-partner Jan-Peter Balkenende zo’n twintig jaar geleden voorlegde aan de gemeenteraad van Amstelveen.

De voormalig CDA-politicus stelde in 1993 voor dat er in het vervolg kroketten geserveerd zouden worden wanneer raadsvergaderingen tot na elven duurden. Hoewel het de jonge JP geen ernst was, werd deze kolderieke krokettenmotie met meerderheid van stemmen aangenomen. De huisregel maakt in Amstelveen nog altijd deel uit van het Reglement van Orde en vond zelfs navolging in andere gemeenten. Of de schaal met kroketten – al dan niet met mosterd – dan eerst langs het college of eerst langs de raad gaat, dát vertelt het verhaal er helaas niet bij…

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Column

Leidse winter

Het is bijna lente maar gewinterd heeft het de afgelopen maanden geen moment. Complete wintercollecties verdwijnen dus in de voorjaarsuitverkoop, maar vinden ook afgeprijsd nauwelijks aftrek. Het doet me een beetje denken aan de naderende gemeenteraadsverkiezingen. Want zelfs als uw partij geen deel uitmaakt van het zittende college zult u moeten erkennen dat de afgelopen vier jaar tamelijk geruisloos zijn verlopen en dat vrijwel ongemerkt flink wat knopen werden doorgehakt. Op Financiën dook het kwik soms dan wel even onder nul, maar op een verder rimpelloos uitgezeten termijn van vier jaar mogen deze spaarzame koudefrontjes eigenlijk geen naam hebben.

Het is dus maar de vraag of de gemeentepolitiek op 19 maart voldoende leeft om de opkomst van 2010 te evenaren of zelfs maar benaderen. Toen hield de RijnGouweLijn onze stad in zijn greep, en dat lokte veel Leidenaars naar de stembus. Dit jaar ontbreken dit soort hete hangijzers en moeten andere manieren uit de hoge hoed worden getoverd om de stembusgang te stuwen. En dus werd burgemeester Lenferink in een sneeuwwit pak gehesen om – met hoge hoed en al – als de vrolijk lachende directeur van het Leidse verkiezingscircus te fungeren.

Het Leids Verkiezingsfestival… In veel van de Leidse stemlokalen is volgende week iets te doen (kijk op waarstemjij.nl voor het programma) en met uw stempas kunt u stemmen waar u wilt. Ik vind het een vondst, maar tegelijkertijd ook de decadentie ten top dat er amusement voor nodig is om ons tot stemmen te bewegen. In Arabische lentes vecht men zich immers letterlijk dood voor een recht waarvan doorgewinterde democraten hier uit laksheid, uit desinteresse of omdat het miezert geen gebruikmaken. Alleen daarom al ervaar ik mijn stemrecht als een stemplicht. Zou u ook moeten doen!

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Column

Spanningsboog

Een zonnige zondag in maart, twee jaar geleden. Voor de allerlaatste keer kuierde ik moederziel alleen door de Groenoordhal. Nadat een van de deuren tot mijn verbazing had meegegeven, had ik de verleiding niet kunnen weerstaan. De dakbedekking was al goeddeels weg en de 15 immense houten spanten staken fotogeniek af tegen de strakblauwe hemel. Meer dan veertig jaar lang hadden de robuuste bogen een dak van 75 meter breed getorst, de breedste overkapping van Nederland. Nog geen twee weken later was de constructie volledig gesloopt.

Ik nam me voor de bogen, samen goed voor 200.000 kilo aan hout, op de voet te volgen. Twee ervan waren aan de gemeente Leiden geschonken en zouden een plekje in de stad krijgen, voor de overige dertien werd een nieuwe bestemming gezocht. United Benefits uit Bleiswijk nam het hout over van het sloopbedrijf en had ook al een mogelijke koper: Diergaarde Blijdorp. Maar al snel bleken de spanten te groot voor de Rotterdammers. Ook een Duitse manege haakte af. En zoals het vaker gaat met leuke Leidse plannen: de gemeente deed afstand van haar twee bogen omdat een kunstwerk te duur en te onpraktisch zou uitpakken.

Nog één keer doken de spanten op, op Marktplaats nota bene, maar daarna verloor ik ze uit het oog. Ook United Benefits verdween spoorloos uit het handelsregister. Een spanningsboog van niks en einde verhaal, dacht ik. Tot ik eind vorig jaar op mijn weblog een reactie kreeg op de foto’s die ik op die zonnige zondag in maart had gemaakt. In het noorden des lands zat iemand aan een eettafel die van Leids spanthout was vervaardigd en die – zo leerde navraag – afkomstig was van Talens Houthandel in het Groningse Usquert. Mocht u dus alsnog een authentiek stukje Groenoordhal terug naar Leiden willen halen, dan weet u waar u terecht kunt!

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Column