Maandelijks archief: september 2015

Op zijn kop

Twijfel. Blijven of weggaan. Het regende al dagen. Weken misschien wel. Wat verlangde hij naar de zoete, zachte najaarszon. Wat verlangde hij naar huis. Elke stap die hij hier nog zette en hij wegzakte in de zompige klei was er één te veel. Die oorlog kon wel tachtig jaar gaan duren. Moest hij daar op wachten? Hij kon de naam van dit godvergeten oord niet eens uitspreken. ‘Lammenschans’, met de ggg van gadverdamme. Hij wierp een blik in de walmende kookpot. De geur van de laffe pastinakenprut deed hem kokhalzen. Het was tijd. Tijd om naar huis te gaan. ‘Vamos!’ riep hij. ‘Vamos, nu meteen! We eten onderweg wel wat…’

Zo is het niet gegaan, in 1574, maar soms is het leuk je fantasie de vrije loop te laten en de geschiedenis even op zijn kop te zetten. Want wat zou ik het me goed voor kunnen stellen, dat legerleider Francisco de Valdez de druilerige Leidse herfst spuugzat was en hartstochtelijk verlangde naar de Spaanse zon. Sterker nog: als deze Steeksleutels verschijnt, lig ik – onder meer om die reden – zélf languit in de zon. Niet in Spanje, maar in Portugal. Het was even passen en meten, maar als alles goed gaat, slepen wij onze koffers vrijdag als het feest traditiegetrouw om 15.74 uur losbarst over het afgeslankte kermisterrein naar huis. Precies op tijd dus!

Een kleinere kermis (over passen en meten gesproken), de optocht in omgekeerde richting en een feestwijzer waar na een biertje te veel geen land meer mee te bezeilen is… Leidens Ontzet, het feest der feesten, staat dit jaar enigszins op zijn kop. Reden te meer dus om het niet te willen missen. Nog anderhalve dag all inclusive in de zon, en dan… naar huis, waar anderhalve dag vol hutspot, haring, wittebrood en een biertje te veel op ons wachten. Even voor de zekerheid: zorgen jullie voor mooi weer?

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Column

Joebelabambam

De zwartepietendiscussie stak deze zomer al vroeg de kop op, en de pepernoten en chocoladeletters liggen al sinds de r in de maand is weer in de schappen van de Leidse supermarkten. Ik hoop nu dus maar dat ik niet te laat ben en dat u uw sint-inkopen nog niet heeft gedaan. Deze maand verscheen namelijk een kinderboek dat op geen enkel verlanglijstje mag ontbreken en dat het – als het dat om welke duistere reden dan ook tóch doet – verdient om desnoods ongevraagd cadeau gedaan te worden. Een sint-tip in september dus…

‘De Gorgels’ – een ronkende titel, zeker met een Leidse r – is het eerste en naar ik verwacht zeker niet het laatste kinderboek van de Leidse grappen- en druktemaker Jochem Myjer. In dit boek ontdekt Melle, die over extreem goede ogen beschikt, een wezentje in zijn slaapkamer. Het is een Gorgel, en Gorgels beschermen slapende kinderen als de r in de maand is tegen door boosaardige Brutelaars verspreide kinderziektes. Melle’s persoonlijke Waakgorgel, Bobba, is minstens net zo druk en innemend als zijn bedenker. Samen met Melle bindt hij de strijd aan met de levensgevaarlijke Groenlandse Brutelaars. Zou het ze lukken de Nederlandse kinderen voor een vreselijke ziekte te behoeden?

De spanningsboog van dit kinderboek is stukken beter dan die van deze column, want in mijn enthousiasme gaf ik in de eerste alinea al prijs wat ik ‘De Gorgels’ vind. Jochem Myjer, die vier jaar geleden niet alleen een engeltje op zijn schouder bleek te hebben maar vermoedelijk ook een garnizoen aan Gorgels rond zijn ziekbed, debuteert met een vrolijk en tegelijk spannend boek dat leest (en voorleest) als een trein en waarin ook voor Leiden (Naturalis!) een belangrijke rol is weggelegd. Joebelabambam, dat is wat Gorgels roepen als er iets te vieren valt. Joebelabambam dus!

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Column

Fietsstad

Je kunt er letterlijk en figuurlijk niet omheen: Leiden is een echte fietsstad. Gratis stallingen of niet, met name op zaterdag breek je in de binnenstad zo ongeveer je nek over de gestalde rijwielen. Een ander gebied waar de tweewielers voor overlast zorgen, maar dan doordeweeks, is rond het station, maar in de pogingen die tegen te gaan, spant de gemeente Leiden het stalen ros keer op keer achter de wagen. In mijn ogen zijn het dan ook niet de fietsende forenzen die de problemen veroorzaken, maar doet de gemeente dat vooral zelf.

Want zeg nou zelf: tegelijkertijd twee gratis stallingen bij het station opheffen en dan tijdens de eerste week van het nieuwe studiejaar ook nog eens de centrale stalling onder de taxistandplaats afsluiten voor een opfrisbeurt, dat is toch de goden verzoeken? Inmiddels is deze laatste stalling trouwens weer open – dat wil zeggen: alleen aan de kant van de SVB en ook niet langer 24 uur per dag. Want hoewel Leiden is aangesloten op het nachtnet van de NS, kun je na enen niet meer bij je fiets.

Net als de toezichthouder die moet voorkomen dat het in de fietsenkelder opnieuw een zootje wordt, is dit slechts een experiment. Maar dan nog… de hekken waarmee de verdiepte stalling aan stationszijde is afgesloten gaan in zoverre op in de omgeving, dat ze bijna net zo lelijk zijn. En had nou niemand kunnen bedenken dat er een in- en uitgang voor voetgangers aan de kant van het station moest komen? Wie zijn fiets alleen helemaal achter in de stalling kwijt kon, was – toezeggingen ten spijt – vorige week nog steeds twee treinen verder voor hij het hele eind via de ingang van de stalling naar de ingang van het station was gelopen. Slechte timing, geen visie, verkeerde prioriteiten, en daarmee een gemiste kans en dus een mislukt experiment. Wedden?

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Column

Kleurtjes

Volgende maand, op 11 oktober, is het International Coming Out Day, de dag waarop aandacht wordt gevraagd voor homo’s en lesbo’s die uit angst voor de reacties uit hun directe omgeving niet voor hun geaardheid durven uitkomen. Met deze dag zou de in veel gevallen ‘long and winding road’ die aan een coming out voorafgaat enigszins geplaveid moeten worden. Mooi en toepasselijk dus dat de gemeente Leiden in navolging van Utrecht, Rotterdam en Maastricht binnen een maand ook in onze stad een regenboogzebrapad wil aanleggen. Maar hoewel de tijd dringt, heeft het realiseren van zo’n zebra hier – op z’n Leids – weer de nodige voeten in de aarde.

Met de strikte regels voor kleurgebruik die de gemeente in de binnenstad hanteert, zou een bontgekleurd zebrapad op protesten kunnen stuiten, zo wordt gevreesd. Het zou Leiden op zijn kleinst zijn als die de komst van zo’n symbolische voetgangersoversteekplaats daadwerkelijk in de weg zouden staan, maar als het om bezwaren, mitsen en maren gaat, kijk ik inmiddels nergens meer van op. Een tweede struikelblok is dat er niet echt een voor de hand liggende plek voor de regenboogzebra is. Nu is Leiden geen Londen, waar zich ter hoogte van de Abbey Road-studio’s het beroemdste zebrapad ter wereld bevindt, maar toch…

Als er in onze stad ooit iemand met kleurtjes in de weer is geweest, dan was het Rembrandt wel, en in Amsterdam is het Rembrandtplein al sinds jaar en dag het middelpunt van de homo-scene. Mijn idee zou daarom zijn om de zebra bij het borstbeeld van de wereldberoemde schilder aan de Witte (!) Singel in te kleuren. Omdat die zich ook nog eens nipt buiten de singels bevindt, hoeft met de dwingende regels voor de Leidse binnenstad geen rekening te worden gehouden. Weer een weg geplaveid, lijkt me zo. Of zijn er nog bezwaren?

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Column

In het water

Sail ging dit jaar zeker niet onopgemerkt voorbij, en zelfs voor Leiden was in de aanloop naar dit drijvende circus een bescheiden rol weggelegd: op de maandag voor de zogenaamde ‘Sail in’ meerde een vloot van tientallen kleine schepen af aan het Galgewater en de Beestenmarkt. Maar zo feestelijk als de beelden uit Amsterdam waren, zo treurig was de aanblik die dit – op de regen die viel na – weinig spetterende Leidse evenement bood. De zeilen waren gestreken, er kwamen nauwelijks bezoekers op af en de schippers zaten in het donker elk op hun eigen bootje bij hun eigen petroleumstelletje. Zelfs voor iemand die zich tijdens Sail 2010 had voorgenomen de drukte in Amsterdam bij de volgende editie te mijden, had er wel wat meer uitgepakt mogen worden.

De Leidse ‘pre-Sail’ viel wat mij betreft dus een beetje in het water, en dat gold vorige week zondag ook voor de afsluitende ‘Sail out’. Om vier uur vertrokken de tallships in een op tv indrukwekkende stoet vanuit onze hoofdstad naar IJmuiden, waar ze drie uur later zouden arriveren. Het voornemen van 2010 indachtig leek ons dat een prima plek om dit jaar toch nog iets van het spektakel mee te pikken.

Maar dat liep anders dan gedacht. De radar-app op mijn smartphone leerde dat de schepen exact volgens schema in IJmuiden aankwamen, en vanaf het balkon van ons hotel aan de jachthaven zouden we zodra zij het ruime sop kozen een prima uitzicht hebben. Hoe konden we weten dat ze eerst nog uren bij de sluis zouden blijven liggen? Tegen de tijd dat de eerste meermasters dan eindelijk passeerden, was het donker en trok er een bui over. Mijn app vertelde me feilloos welke lichtjes we voorbij zagen varen, maar net als van de tussenstop in Leiden had ik me er toch meer van voorgesteld. Nou ja, over vijf jaar is er weer een Sail…

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Column